Recept

Recept uit Beiroet: kardemomkebab met zure kersen

Open informatie

Toen Merijn Tol haar nieuwe boek Beiroet lanceerde werd ik uitgenodigd voor een etentje bij haar thuis. En dat was werkelijk fantastisch. Sowieso is haar woning verschrikkelijk gezellig en zie je overal de invloed van Beiroet terug. Maar dan het eten wat ze ons voorzette…Mi gado. Het bleef maar komen. Ik ben aardig getraind op dat vlak maar aan het einde van de avond kon ik niet meer praten. Ik weet niet meer precies hoe ik thuisgekomen ben maar het is gelukt. Op tafel kwam o.a. labneh met gegrilde biet en barberries, halloumi met verse amandelen, aardappelkibbeh met prei en kamouneh, vistajèn met sinaasappel, rode fattoush, horraq osboa en Armeense kebab met kersen. We eindigden met dadelvla met rozenwater, engelenhaar en kardemom. De volgende dag bladerde ik in bed door het boek en toen ik een potje thee wilde gaan zetten kwam ik erachter dat de elektriciteit in mijn straat uitgevallen was. How very toepasselijk want in Libanon gebeurt dat nogal vaak. Ik zat helemaal in de sfeer dus; wel met koude voeten.

Kijk, dit is de mooie cover van het boek:

Wanneer je door Beiroet bladert wil je accuut een ticket naar Libanon boeken. Het boek stikt van de mooie adresjes en recepten, versierd met prachtige foto’s. De levenslust en liefde van en voor de stad spatten er van af. Om jullie te voorzien van een stukje Libanees plezier, volgt hier een recept uit het boek. Kardemomkebab met zure kersen. Thank me later.

Kardemomkebab met zure kersen en moerbeien, met rozenblaadjes en cashewnoten

(Oftewel kebab ma karaz, hél, toot, wared w caju.)

Het allerlekkerst vind ik het om dit klassieke gerecht (ook wel Armeense fishna kebab, van oorsprong uit Aleppo, en dat is logisch want tussen al deze steden was vroeger veel verkeer) met vers fruit te maken. Verse kersen en verse moerbeien of zelfs bramen maken het echt te gek: fris en zuurzoet. Buiten het seizoen werkt een pot zure kersenjam die je vindt bij een Turkse of Midden-­Oosterse winkel ook heel goed. Misschien even losgeroerd met wat water, citroen­sap en nog wat verse bramen erdoor. De combinatie van kardemom en rozenblaadjes is dan weer mijn twist, maar verandert het gerecht niet. Het geeft het net die ultieme kick waar ik van houd.

Vraag aan je slager het vlees twee of drie keer door de gehaktmolen te halen. Of mix het in porties fijn in je keukenmachine. 

Stamp de kardemompeulen fijn (verwijder de peultjes) met de zwarte peper, 1 eetlepel rozenblaadjes, de komijn en wat grof zout. Kneed dit door het lamsgehakt. Laat het gehakt even (koel) staan als je de tijd hebt. Dan trekken de smaken lekker in. 

Verhit de oven voor op 225 °C. 

Vorm met vochtige handen mooie kebabs van het vlees. Doe ze in een ovenschaal. Bak de kebabs in de voorverwarmde oven in 15 minuten goudbruin. Verlaag de oventemperatuur naar 160 °C. 

Ontpit de verse kersen als je die gebruikt. Doe ze met de moerbeien of ­bramen in een steelpan met de suiker en het sap van 1 citroen. Kook in 5 tot 10 minuten tot een grove saus. Schep de kebabs om met de saus en verdeel de noten erover. Zet nog 10 minuten in de oven. Haal eruit en bestrooi met de resterende rozenblaadjes.

Zin gekregen in dit boek? Je bestelt het hier.