Den Haag Hollands Streetfood

De lekkerste gehaktbal tot nu toe & virtuoze viskoeken

12 februari 2018
Share

Toen ik een tijdje terug te vroeg was voor een opname in Den Haag, besloot ik binnen te stappen bij een broodjeszaak die in dezelfde straat zit.

Nu heb ik het over het algemeen niet zo op broodjeszaken. Toen ik terug kwam in Nederland was het Nederlandse broodje iets waar ik me aan stoorde. Tijdens lunchmeetings op mijn voormalige werk, werden steevast broodjes met kaas en ham geserveerd, krentenbollen en glazen (karne)melk. Al mijn nekharen gingen dan overeind staan. Hoe gaan we hier nou de oorlog mee winnen, dacht ik dan.

Een broodje kaas of ham is in mijn ogen toch een beetje de belichaming van de armoede van de Westerse wereld. Geen tijd maken voor waar het nou echt om draait in het leven maar snel iets willen eten zodat de ‘to do’ lunch afgevinkt kan worden. Don’t get me wrong: ook ik eet weleens een boterham met (pinda)kaas maar in dit land wordt toch nog vaak gegeten omdat het moet.

Desalniettemin trok deze broodjeszaak mij toch aan. Ik stapte binnen en toen de vriendin waar ik mee was een broodje kaas wilde bestellen, liet de dame achter de toonbank doorschemeren dat dat kon maar niet haar voorkeur had. Vrij grappig. Want waar maakte zij zich druk om? Als wij een broodje kaas willen, dan bestellen we die toch gewoon? Maar nee. Ze had uiteraard gelijk, zo werd ons al snel duidelijk. Een broodje kaas bestellen bij deze zaak is als naar Fez vliegen om daar McDonalds te eten. Dat doe je gewoon niet.

Op dat moment had ik nog geen idee waar ik binnengestapt was. Ik zag wel dat een bijzondere zaak was en het eten dat uitgestald lag, zag er veelbelovend uit. Maar ik ben geen Hagenees en dus bestelde ik onwetend en al, een gehaktbal, een viskoekje en een thee die €0,80 kostte.

Dat is weer wat anders dan €3,50 betalen voor een glas heet water met drie flinterdunne plakjes gember met een doorsnee van 1cm.

Ik was binnengestapt bij een instituut, zo bleek. De firma Dopmeijer die inmiddels al weer 108 (!) jaar bestaat. Bij Dopmeijer lijkt het of je even terug in de tijd gaat:

Vier generaties hebben er met de scepter gezwaaid:

De tent staat nu te koop en dat is echt een verlies voor ons culinaire landschap.

Kijk, hier rechts in de hoek de huisgemaakte viskoeken:

Mooie, leuke, lieve, gezellige viskoeken. Ernaast de huisgemaakte kroketten. Ik kwam erachter dat ze ook seizoenskroketten verkopen. In de winter met hazenpeper bijv.

Genieten:

Het broodje gehaktbal deelden we door twee:

Op dit moment werd mij duidelijk waarom je eigenlijk geen broodje kaas mag bestellen bij Dopmeijer. Het wordt gedoogd maar geniet niet de voorkeur van de eigenaren. Die mensen zijn natuurlijk niet voor niets voor dag en dauw opgestaan om bijna alles wat op de kaart staat van de erwtensoep tot de goulash, kroketten, frikadellen enzoverder enzovoort zelf te maken om dan vervolgens de hele dag broodjes kaas te smeren.

Het werd mijn lievelingsgehaktbal aller tijden. Een bal met pit door de Dopmeijer specerijenmix, lekker krokant en zelfs sappig van binnen met een goeie lik mosterd erbij. Dopmeijer’s gehaktbal krijg ik niet meer uit mijn hoofd en ik zal er altijd naar blijven verlangen. Vorige week keerde ik voor de Mooncake x Volkskrant videoserie terug om een ode te maken aan dit stukje culinaire erfgoed en te ontdekken hoe deze ballen gemaakt worden, voor de zaak sluit en het te laat is. Hierover heel binnenkort meer…UPDATE: De video vind je hier.

Dopmeijer heeft ook allerlei maaltijden en soepen die je mee kan nemen voor thuis:

Overal mooie oude attributen en details. Deze broodjeszaak zou eigenlijk een museum moeten worden. En dan wordt het meteen het enige museum in Nederland waar je lekker kan eten. HAHA. (Wat is dat toch met musea in Nederland en de veelal ongezellige restaurants met middelmatig eten die erbij horen? Soit. Dit is een andere post, ik wijk af.)

Vroegah:

De miniatuur houten kar die je hieronder ziet is de handkar waarmee de de overgrootvader van de huidige eigenaar ’s ochtends vroeg naar Scheveningen trok om vis te halen om in de stad te verkopen. Zo is het ooit begonnen.

Uiteindelijk kreeg Joseph Dopmeijer een eigen zaak. Ze overleefden de crisis in de jaren ’30 met een dagopbrengst van ongeveer fl 2,50. In die tijd verkochten ze alleen vis, viskoekjes en zuurwaren.

In mei 1940 begon de oorlog en tegen de winter was er niets meer om te verkopen. De opa van de huidige eigenaar ging toch nog een ochtend in de week open om zijn beroemde viskoekjes te verkopen. Op een bepaald punt was er geen olie en gas meer maar zijn opa was zo slim geweest olie te verstoppen in lege blikken tomatenpuree zodat hij toch nog een beetje kon voorzien in de viskoekbehoefte van Den Haag.

In de jaren ’50 trok de economie weer aan en broodjes pekelvlees met lever, ‘broodje half-om’, rookworst, knakworst, bal en kroket werden toegevoegd aan de menukaart. Een teken van de toenemende welvaart. De populaire broodjes uit de jaren ’50:

Op een bepaald punt waren er vijf Dopmeijer-zaken in Den Haag!

In de jaren ’60 begon men met overwerken en dus moesten er bestellingen bezorgd worden bij tientallen bedrijven. Totdat de bedrijfskantine geïntroduceerd werd, toen nam het aantal bezorgingen weer af. In die tijd was Dopmeijer open van 09:00-24:00u (!). Hoe cool als je zo laat nog zo’n lekkere gehaktbal kan scoren. Met chocomel of een viskoekje. En een broodje hagelslag na. Na het op grotere schaal intreden van de televisie in de Nederlandse huishoudens sloot de zaak ’s avonds om 20u al.

Dit zijn de huidige eigenaren, John & Alie:

Kijk ook even naar de leus bovenin: “U mag hier alles vragen maar ga niet staan jagen want wilt u lekker eten dan moet u van geduld afweten.” #sotrue

Nog een motto:

De ballen in kwestie:

John is ’s morgens al om 07:00u in de zaak en dan begint hij met de voorbereidingen van bijv. de erwtensoep, gehaktballen, uierboord (van de uiers van een koe, ja ja), nierbroodjes enz. enz.

Ze maken ook hun eigen frikandellen hier rechtsonder in de hoek – die zijn ook zeker de moeite waard. En ik had de frikandel eigenlijk al opgegeven. Kun je nagaan.

Als je weggaat neem je een Hopje mee. Oorspronkelijk vernoemd naar baron Hendrik Hop die verslaafd was aan koffie en op een avond zijn koffie met suiker en room op de verwarming had laten staan. Het mengsel was karamel geworden en omdat hij moest afkicken van zijn dokter en geen koffie meer mocht, besloot hij deze snoepjes te laten maken – de slimme vos!

Als eten je interesseert, moet je eigenlijk gewoon nog een keer bij Dopmeijer langs voordat ze ermee ophouden. Deze plek zou een museum moeten worden waar je tot het einde der tijden de gehaktballen, erwtensoep, goulash en viskoekjes van de Dopmeijers kan proeven. Dit is echt een bijzondere, inmiddels zeldzame zaak met een rijke geschiedenis die geen soortgenoot meer kent en jammer genoeg vooralsnog ook geen opvolger.

Firma Dopmeijer 

  • Rijswijkseweg 151, 2516 HB Den Haag
  • Open: ma t/m vrij van 09.30 – 17:00u
  • Telefoonnummer: 070-3998868
  • Voor wie de zaak wil overnemen, klik hier.

Tags
RELATED POSTS

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Mooncake is door een vakjury verkozen tot Foodblogger vh jaar! Ontdekt dé verborgen pareltjes op het gebied van (street)food in Nederland & verder weg én deelt recepten + ander eetbaar vermaak. Met een knipoog naar het Midden-Oosten.